Home   Lessen online Functies en Grafieken Onderwerpen  
kader_rand
Startpagina
Bravenet

Matrices en Determinanten Lesliematrices
Populatievoorspellingsmatrices
 

MD-Menu


Inleiding
De Engelse zoöloog P. H. Leslie gebruikte in 1945 voor het eerst matrices om de ontwikkeling van insectenpopulaties te voorspellen. Om m.b.v. matrixrekening de ontwikkeling van populaties te kunnen voorspellen wordt de populatie verdeeld in leeftijdsklassen van gelijke lengte. Bij de mens kiest men meestal 5 jaar, bij vissen 2 jaar en bij knaagdieren 1 maand voor de lengte van de leeftijdsklassen. In de populatievoorspellingsmatrix staan de vruchtbaarheidscijfers in de eerste rij. Verder bevat de populatievoorspellingsmatrix  de overlevingskansen. Op de tweede rij staat de kans de 1-ste leeftijdsklasse te overleven en in de 2-de leeftijdsklasse terecht te komen, op de derde rij staat de kans de 2-de leeftijdsklasse te overleven en in de 3-de leeftijdsklasse terecht te komen, etc. Zie hiervoor onderstaande voorbeelden. We gaan populatievoorspellingsmatrices, in het vervolg Leslie-matrices, bestuderen aan de hand van een drietal voorbeelden. Over Leslie-matrices valt heel veel te vertellen met een heleboel ingewikkelde wiskunde. Via dit voorbeeld maak je kennis met een aantal belangrijke basis eigenschappen van Leslie-matrices.

Om te voorspellen of een soort zal uitsterven, of dat de soort juist een plaag zal worden hebben we de Lesliematrix eigenlijk niet nodig. Hiervoor hanteren we de volgende criteria:

  • Een soort sterft uit als het gemiddeld aantal nakomelingen per individu 1 is.

  • Een soort stabiliseert zich op een vast aantal als het gemiddeld aantal nakomelingen per individu gelijk aan 1 is.

  • Een soort wordt een plaag als het gemiddeld aantal nakomelingen per individu 1 is.

Omhoog


Voorbeeld van een uitstervende soort
Beschouw een diersoort die verdeeld is in 4 leeftijdsklassen 0-1, 2-3, 4-5 en 6-7 jaar. Geen enkel dier wordt ouder dan 7 jaren. De lengte van een leeftijdsklasse is dus 2 jaren. Voor de duidelijkheid zetten we de leeftijdsklassen even op een tijdslijn uit:

Deze diersoort heeft de volgende kenmerken:

Overlevingskansen

  • Slechts 50% wordt ouder dan 1 jaar

  • Daarvan (van die 50% overlevenden) wordt 50% ouder dan 3 jaar

  • Daarvan (van die 25% overlevenden) wordt 20% ouder dan 5 jaar

  • Daarvan wordt geen enkel dier ouder dan 7 jaar

Vruchtbaarheidscijfers

  • 0- en 1-jarigen krijgen geen jongen.

  • 2- en 3-jarigen krijgen er 1 (eigenlijk moet je dit als een gemiddelde beschouwen, maar wij doen alsof het exact 1 is, het maakt voor onze berekeningen niets uit...).

  • 4- en 5-jarigen krijgen ze er 0.5 (zelfde opmerking als hierboven).

  • 6- en 7-jarigen krijgen geen jongen meer.

Beginsituatie

De aantallen in de beginsituatie (t = 0) worden gegeven in de kolommatrix N(0):

 Aantal %
Leeftijdsklasse 0-1 1100 47.8
 = N(0) 
Totaal  2300
2-3 680 29.6
4-5 420 18.3
6-7 100 4.3

In deze kolommatrix staan ook de percentages afgerond op één decimaal achter de komma per leeftijdsklassen vermeld.

  1. Bereken het gemiddeld aantal nakomelingen per individu en laat zien dat de soort op den duur zal uitsterven

  2. Bereken de aantallen in de verschillende leeftijdsklassen na 2, 4, en 10 jaar.

Opmerking
Bij dit voorbeeld gaan we uit van een aantal vooronderstellingen

  • mannetjes en vrouwtjes hebben gelijke overlevingskansen

  • er is geen immigratie en ook geen emigratie

  • de overlevingskansen en de vruchtbaarheidscijfers veranderen niet in de loop van de tijd.

Oplossing
We lossen dit probleem in een aantal stappen op. Eerst verwerken we de gegevens van de diersoort in een gerichte graaf om het probleem wat overzichtelijker te maken.

In deze gerichte graaf met 4 knooppunten staan de overlevingskansen voor de overgangen naar de volgende leeftijdsklassen en de vruchtbaarheidscijfers die bij deze knooppunten horen.

De tweede stap is het opstellen van de overgangsmatrix L, ook wel Leslie-matrix.

van
0-1 2-3 4-5 6-7
naar  0-1 0 1 0.5 0  = L
2-3 0.5 0   0 0
4-5 0   0.5   0 0
6-7 0 0 0.2 0

In de eerste rij van L staan de vruchtbaarheidscijfers. De subdiagonaal van de matrix onder de hoofddiagonaal bevat de overlevingskansen voor elke leeftijdsklasse.

Gemiddeld aantal nakomelingen per individu
Het gemiddeld aantal nakomelingen g per individu is m.b.v. de getallen in de Lesliematrix gemakkelijk uit te rekenen. Er geldt:

  • Van de 1000 dieren in leeftijdsklasse 0-1 gaan er 1000 · 0.5 (= 500) over naar leeftijdsklasse 2-3. Deze krijgen daar gemiddeld 1 nakomeling, dus

    1000 · 0.5 · 1 (= 500) nakomelingen.

  • Van de 1000 dieren in leeftijdsklasse 0-1 gaan er 1000 · 0.5 · 0.5 (= 250) over naar leeftijdsklasse 4-5. Deze krijgen daar gemiddeld 0.5 nakomeling, dus

    1000 · 0.5 · 0.5 · 0.5  (= 125) nakomelingen.

  • Van de 1000 dieren in leeftijdsklasse 0-1 gaan er 1000 · 0.5 · 0.5 · 0.2 (= 50) over naar leeftijdsklasse 6-7. Deze krijgen daar gemiddeld 0 nakomeling, dus

    1000 · 0.5 · 0.5 · 0.2 · 0  (= 0) nakomelingen.

Het gemiddeld aantal nakomelingen per individu is dus:

g  = 
 1000 · 0.5 · 1 + 1000 · 0.5 · 0.5 · 0.5 + 1000 · 0.5 · 0.5 · 0.2 · 0 
 1000
 =  0.5 · 1 + 0.5 · 0.5 · 0.5 + 0.5 · 0.5 · 0.2 · 0 
 =  0.625 1

Dus de soort zal op den duur uitsterven.

We gaan nu de populatie N(1) na twee jaren voorspellen. Met behulp van de matrixvermenigvuldiging N(1) = L · N(0) vinden we de populatie na twee jaren.

  Aantal %  
0-1
2-3
4-5
0-1 2-3 4-5 6-7
1100
680
420
100
47.8
29.6
18.3
4.3
= N(0) 
Totaal  2300
0-1 0 1 0.5 0
2-3 0.5 0   0 0
4-5 0   0.5   0 0
6-7 0 0 0.2 0
890
550
340
84
47.7
29.5
18.2
4.5
= N(1) 
Totaal  1864

We vinden hier dat na twee jaren de leeftijdsopbouw er als volgt uitziet:

 Aantal %
Leeftijdsklasse 0-1 890 47.7
 = N(1) 
Totaal  1864
2-3 550 29.5
4-5 340 18.2
6-7 84 4.5

We zien een afname van de totale populatie van 2300 - 1864 = 436 exemplaren. De leeftijdsopbouw N(2) na vier jaren vinden we met de matrixvermenigvuldiging N(2) = L · N(1):

  Aantal %  
0-1
2-3
4-5
0-1 2-3 4-5 6-7
890
550
340
84
47.7
29.5
18.2
4.5
= N(1) 
Totaal  1864
0-1 0 1 0.5 0
2-3 0.5 0   0 0
4-5 0   0.5   0 0
6-7 0 0 0.2 0
720
445
275
68
47.7
29.5
18.2
4.5
= N(2) 
Totaal  1508

We vinden hier dat na vier jaren de leeftijdsopbouw er als volt uitziet:

 Aantal %
Leeftijdsklasse 0-1 720 47.7
 = N(2) 
Totaal  1508
2-3 445 29.5
4-5 275 18.2
6-7 68 4.5

We zien een afname van de totale populatie van 1864 - 1508 = 356 exemplaren. In onderstaand model kun je de populatie na een willekeurig aantal periodes van twee jaren voorspellen door op de  -knop te drukken.

Animatie van het Lesliemodel
  Aantal %         
0-1
2-3
4-5
0-1 2-3 4-5 6-7
= N(t), t =  
Totaal 
0-1
2-3 0   0 0
4-5 0   0 0
6-7 0 0 0
= N(t+1) 
Totaal 
 = 
 = 
 
Behalve de voorgeprogrammeerde waarden uit het voorbeeld kun je bij t = 0 zelf getallen in de daarvoor bestemde velden invoeren. Je kunt dus experimenteren met andere voorbeelden met 4 leeftijdsklassen. Voor t  0 zijn deze invoervelden geblokkeerd (Lijkt me logisch!). Met de (Shift + )Tab-toets navigeer je door de matrix. Door op de -knop te drukken worden alle waarden weer teruggezet zoals ze waren op t = 0 in het voorbeeld. Als je op de -knop drukt dan wordt de kolommatrix N(t) vervangen door de kolommatrix N(t+1) en wordt de volgende populatie berekend. De eenheid van t is gelijk aan de lengte van een leeftijdsklasse..

In tabel 1 zie je de uitkomsten voor de eerste 10 jaren en daarna voor 20, 30 en 60 jaren, zowel in absolute aantallen als procentueel. De aantallen zijn op gehelen afgerond. Controleer deze tabel met bovenstaand model.

Tabel 1
Jaar 0 2 4 6 8 10 20 30 60
Aantallen
0-1 1100 890  720  583  471  381  132 46  2
2-3   680  550 445  360  291  236 82 28  1
4-5 420 340 275 223 180 146 50 18 1
6-7 100 84 68 55 45 36 12 4 0
Totaal 2300 1864 1508 1221 987 799 276 96 4
Procentueel
0-1 47.8 47.7 47.7 47.7 47.7 47.7 47.7 47.7 47.7
2-3 29.6 29.5 29.5 29.5 29.5 29.5 29.5 29.5 29.5
4-5 18.3 18.2 18.2 18.2 18.2 18.2 18.2 18.2 18.2
6-7   4.3   4.5   4.5   4.5   4.5   4.5   4.5   4.5 4.5

We zien dat na 60 jaren de diersoort bijna uitgestorven is.

Stabilisatie
In tabel 1 zie je, behalve dat de soort uitsterft, dat de procentuele verdeling over de verschillende leeftijdsklassen steeds gelijk blijft: 47.7% jongen, 29.5% in klasse 2-3, 18.3% in klasse 4-5 en 4.5% in klasse 6-7. Ook is opvallend dat de procentuele afname per twee jaar ook constant is, namelijk 19.1%. Dit laatste gegeven is niet in de tabel opgenomen, maar kun je zelf nagaan met bovenstaand Lesliemodel. Dit alles bij elkaar is verrassend en we vragen ons natuurlijk af of de natuur op de lange termijn altijd naar vaste verhoudingen streeft.

Laten we eens een andere beginsituatie nemen om te zien of dit streven naar vaste verhoudingen ook daar geldt. We nemen een dramatische situatie: alle dieren zijn aan een ziekte gestorven behalve de 1100 jongen. De aantallen in de beginsituatie (t = 0) worden nu gegeven in de kolommatrix N(0):

 Aantal %
Leeftijdsklasse 0-1 1100 100
 = N(0) 
Totaal  1100
2-3 0 0
4-5 0 0
6-7 0 0

Als je deze waarden in bovenstaand Lesliemodel invoert (doe dit door op bovenstaande invoerknop te drukken!), dan krijg je tabel 2. De aantallen zijn hier op gehelen afgerond.  

Tabel 2
Jaar 0 2 4 6 8 10 20 30 50
Aantallen
0-1 1100 0  550  138 275  138  60  20  2
2-3   0  550 0  275 69 138 35 13 2
4-5 0 0 275 0 138 34 24 8 1
6-7 0 0 0 55 0 28 5 2 0
Totaal 1100 550 825 468 481 337 124 43 5
Procentueel
0-1 100 0 66.7 29.4 57.1 40.8 48.4 47.7 47.7
2-3 0 100 0 58.8 14.3 40.8 28.5 29.6 29.5
4-5 0 0 33.3 0 28.6 10.2 19 18.2 18.2
6-7 0 0 0 11.8 0   8.2 4.1   4.5 4.4

Ook hier weer de neiging naar dezelfde vaste procentuele verdeling over de verschillende leeftijdsklassen. Verder is de procentuele afname per twee jaar op den duur ook weer 19.1%. Het streven naar evenwichtige verhoudingen zit wellicht in de natuur opgesloten!

Omhoog


Voorbeeld van een stabiele soort
We beschouwen dezelfde diersoort met dezelfde beginsituatie als in het vorige voorbeeld. Door gunstige omstandigheden krijgen dieren in de leeftijdsklasse 4-5 gemiddeld 2 jongen i.p.v. 0.5. De Lesliematrix ziet er nu als volgt uit:

  Aantal %  
0-1
2-3
4-5
0-1 2-3 4-5 6-7
1100
680
420
100
47.8
29.6
18.3
4.3
= N(0) 
Totaal  2300
0-1 0 1 2 0
2-3 0.5 0 0 0
4-5 0 0.5  0 0
6-7 0 0 0.2 0
1520
550
340
84
60.9
22.1
13.6
3.4
= N(1) 
Totaal  2494

Het gemiddeld aantal nakomelingen per individu is dus:

g  =  0.5 · 1 + 0.5 · 0.5 · 2 + 0.5 · 0.5 · 0.2 · 0 
 =  1

De aantal individuen zal zich op de lange duur dus stabiliseren. We gaan met het Lesliemodel de ontwikkeling van de populatie over een periode van 40 jaar voorspellen.

Animatie van het Lesliemodel
  Aantal %         
0-1
2-3
4-5
0-1 2-3 4-5 6-7
= N(t), t =  
Totaal 
0-1
2-3 0   0 0
4-5 0   0 0
6-7 0 0 0
= N(t+1) 
Totaal 
 = 
 = 
 
Behalve de voorgeprogrammeerde waarden uit het voorbeeld kun je bij t = 0 zelf getallen in de daarvoor bestemde velden invoeren. Je kunt dus experimenteren met andere voorbeelden met 4 leeftijdsklassen. Voor t  0 zijn deze invoervelden geblokkeerd (Lijkt me logisch!). Met de (Shift + )Tab-toets navigeer je door de matrix. Door op de -knop te drukken worden alle waarden weer teruggezet zoals ze waren op t = 0 in het voorbeeld. Als je op de -knop drukt dan wordt de kolommatrix N(t) vervangen door de kolommatrix N(t+1) en wordt de volgende populatie berekend. De eenheid van t is gelijk aan de lengte van een leeftijdsklasse..

In tabel 3 zie je de uitkomsten voor de eerste 10 jaren en daarna voor 20, 30 en 40 jaren, zowel in absolute aantallen als procentueel. De aantallen zijn op gehelen afgerond. Controleer deze tabel met bovenstaand model.

Tabel 3
Jaar 0 2 4 6 8 10 20 30 40
Aantallen
0-1 1100 1520  1230  1310 1375  1270  1314 1320  1320
2-3   680  550 760 615 655 688 666 661  660
4-5 420 340 275 380 308 328 327 329 330
6-7 100 84 68 55 76 62 66 66 66
Totaal 2300 2494 2333 2360 2414 2347 2373 2376 2376
Procentueel
0-1 47.8 60.9 52.7 55.5 57 54.1 55.4 55.6 55.6
2-3 29.6 22.1 32.6 26.1 27.1 29.3 28.1 27.8 27.8
4-5 18.3 13.6 11.8 16.1 12.7 14 13.8 13.9 13.9
6-7 4.3 3.4 2.9 2.3 3.1 2.6 2.8  2.8 2.8

Het totaal aantal individuen stabiliseert zich op 2376. Ook hier weer de neiging naar dezelfde vaste procentuele verdeling over de verschillende leeftijdsklassen. Het streven naar evenwichtige verhoudingen zit dus kennelijk in de natuur opgesloten! Laten we ook hier weer een totaal andere beginsituatie nemen.

 Aantal %
Leeftijdsklasse 0-1 1100 100
 = N(0) 
Totaal  1100
2-3 0 0
4-5 0 0
6-7 0 0

Als je deze waarden in bovenstaand Lesliemodel invoert (doe dit door op bovenstaande invoerknop te drukken!), dan krijg je tabel 4. De aantallen zijn ook hier op gehelen afgerond.  

Tabel 4
Jaar 0 2 4 6 8 10 20 30 40
Aantallen
0-1 1100 0  550  550 275 550 447  438  439
2-3   0  550 0  275 275 138 206 219  220
4-5 0 0 275 0 138 138 120 112 110
6-7 0 0 0 55 0 28 21 21 22
Totaal 1100 550 825 880 688 853 794 791 792
Procentueel
0-1 100 0 66.7 62.5 40 64.5 56.3 55.4 55.5
2-3 0 100 0 31.3 40 16.1 26 27.7 27.8
4-5 0 0 33.3 0 20 16.1 15.2 14.1 13.9
6-7 0 0 0 6.3 0   3.2 2.6  2.7 2.8

Het totaal aantal individuen stabiliseert zich op 792. Ook hier weer dezelfde vaste procentuele verdeling over de verschillende leeftijdsklassen. Ook de procentuele afname gaat naar ongeveer 19.1% per twee jaar.

Omhoog


Voorbeeld van een plaag
We beschouwen weer dezelfde diersoort met dezelfde beginsituatie als in het vorige voorbeeld. Door nog gunstiger omstandigheden krijgen dieren in de leeftijdsklassen 2-3 en 4-5 gemiddeld respectievelijk 1.5 en 2 jongen i.p.v. respectievelijk 1 en 0.5. De Lesliematrix ziet er nu als volgt uit:

  Aantal %  
0-1
2-3
4-5
0-1 2-3 4-5 6-7
1100
680
420
100
47.8
29.6
18.3
4.3
= N(0) 
Totaal  2300
0-1 0 1.5 2 0
2-3 0.5 0 0 0
4-5 0 0.5  0 0
6-7 0 0 0.2 0
1860
550
340
84
65.6
19.4
12
3
= N(1) 
Totaal  2834

Het gemiddeld aantal nakomelingen per individu is dus:

g  =  0.5 · 1.5 + 0.5 · 0.5 · 2 + 0.5 · 0.5 · 0.2 · 0 
 =  1.25 1

Het aantal individuen zal dus steeds toenemen. We gaan nu weer met het Lesliemodel de ontwikkeling van de populatie over een periode van 40 jaar voorspellen.

Animatie van het Lesliemodel
  Aantal %         
0-1
2-3
4-5
0-1 2-3 4-5 6-7
= N(t), t =  
Totaal 
0-1
2-3 0   0 0
4-5 0   0 0
6-7 0 0 0
= N(t+1) 
Totaal 
 = 
 = 
 
Behalve de voorgeprogrammeerde waarden uit het voorbeeld kun je bij t = 0 zelf getallen in de daarvoor bestemde velden invoeren. Je kunt dus experimenteren met andere voorbeelden met 4 leeftijdsklassen. Voor t  0 zijn deze invoervelden geblokkeerd (Lijkt me logisch!). Met de (Shift + )Tab-toets navigeer je door de matrix. Door op de -knop te drukken worden alle waarden weer teruggezet zoals ze waren op t = 0 in het voorbeeld. Als je op de -knop drukt dan wordt de kolommatrix N(t) vervangen door de kolommatrix N(t+1) en wordt de volgende populatie berekend. De eenheid van t is gelijk aan de lengte van een leeftijdsklasse..

In tabel 5 zie je de uitkomsten voor de eerste 10 jaren en daarna voor 20, 30 en 40 jaren, zowel in absolute aantallen als procentueel. De aantallen zijn op gehelen afgerond. Controleer deze tabel met bovenstaand model.

Tabel 5
Jaar 0 2 4 6 8 10 20 30 40
Aantallen
0-1 1100 1860  1505  1945 2059  2211 3589 5734  9148
2-3   680  550 930 752 973 1029 1637 2612 4166
4-5 420 340 275 376 445 486 748 1190 1897
6-7 100 84 68 55 93 75 134 216 346
Totaal 2300 2834 2778 3218 3501 3802 6109 9751 15557
Procentueel
0-1 47.8 65.6 54.2 60.5 58.8 58.2 58.7 58.8 58.8
2-3 29.6 19.4 33.5 23.4 27.8 27.1 26.8 26.8 26.8
4-5 18.3 12 9.9 14.5 10.7 12.8 12.2 12.2 12.2
6-7 4.3 3 2.4 1.7 2.7 2 2.2 2.2 2.2

Ook hier het streven naar een vaste procentuele verdeling over de verschillende leeftijdsklassen en een totale procentuele toename van 9.8% per twee jaar. Een ware plaag als we aan deze bevolkingsexplosie niets doen! Probeer zelf de volgende beginsituatie.

 Aantal %
Leeftijdsklasse 0-1 1100 100
 = N(0) 
Totaal  1100
2-3 0 0
4-5 0 0
6-7 0 0

De conclusie die we uit dit alles kunnen trekken is dat op de lange duur de gemiddelde groei per jaar en de procentuele verdeling over de verschillende leeftijdsklassen niet van de beginsituatie afhangt, maar uitsluitend van de vruchtbaarheidscijfers.

Omhoog


Populaties voorspellen met het online programma
We beschouwen weer de Lesliematrix L

van
0-1 2-3 3-4 3-4
naar  0-1 0 1 0.5 0  = L
2-3 0.5 0   0 0
3-4 0   0.5   0 0
3-4 0 0 0.2 0

en de beginsituatie N(0)

 Aantal
Leeftijdsklasse 0-1 1100
 = N(0) 
Totaal  2300
2-3 680
3-4 420
3-4 100

De leeftijdsopbouw N(1) na één jaar vinden we met de matrixvermenigvuldiging

 N(1) = L · N(0)

  Aantal
0-1
2-3
3-4
0-1 2-3 3-4 3-4
1100
680
420
100
= N(0) 
Totaal  2300
0-1 0 1 0.5 0
2-3 0.5 0   0 0
3-4 0   0.5   0 0
3-4 0 0 0.2 0
890
550
340
84
= L · N(0) 
Totaal  1864

De leeftijdsopbouw N(2) na twee jaren vinden we met de matrixvermenigvuldiging

 N(2) = L · (L · N(0)) = (L · L) · N(0) = L2· N(0).

De matrix L2 geeft dus de overgangen over 2 jaren. De leeftijdsopbouw N(3) over 3 jaren vinden we met de matrixvermenigvuldiging

N(3) = L · (L2· N(0)) = (L · L2) · N(0) = L3· N(0).

De matrix L3 geeft dus de overgangen over 3 jaren. Zo doorgaande wordt het duidelijk dat de leeftijdsopbouw N(n) over n jaren gevonden kan worden door de matrixvermenigvuldiging

N(n) = Ln· N(0)   n = 1, 2, 3, · · ·

De matrix Ln geeft dus de overgangen over n jaren.

Het is ondoenlijk om alle machten Ln van matrix L met de hand uit te rekenen. Je kunt de grafische rekenmachine te hulp roepen of het online computerprogramma op deze webpagina. Bij het online computerprogramma ga je bij dit voorbeeld als volgt te werk:

  1.  Kies in het Bestand-menu de optie Nieuw Project. Je krijgt dan het volgende dialoogkader:

    Kies in dit dialoogkader de optie C = AnB
      
  2. Maak het aantal kolommen (en automatisch het aantal rijen) van A gelijk aan 4 (= het aantal leeftijdscategorieën ) en het aantal kolommen van B gelijk aan 1 (= kolommatrix) door op de corresponderende  Up/Down knop te klikken.

  3. Druk op de - knop.
     

  4. Vul voor matrix A de Leslie-matrix L en voor B de leeftijdsopbouw N(0) in de beginsituatie in en verhoog de waarde van n -door op de Up/Down knop te klikken.

  5. Ga de voorbeelden en opgaven op deze webpagina met het online programma na.

Omhoog


Het programma (programma-handleiding)



Disclaimer:
 Browsers sometimes crash when running computation-intensive ActiveX controls.
 Make sure your important work is saved before running this utility.

Omhoog


Opgave 1
Gegeven is de volgende Leslimatrix:

van
0-1 2-3 4-5 6-7
naar  0-1 0.10 0.30 0.20 0.05  = L
2-3 0.91 0   0 0
4-5 0   0.85   0 0
6-7 0 0 0.70 0

De vier leeftijdscategorieën zijn 0-1 jaar, 2-3 jaar, 4-5 jaar, 6-7 jaar.

  1. Geef de betekenis van bovenstaande Leslie-matrix.

  2. Zal deze soort uitsterven of juist niet?

  3. Maak een gedetailleerde voorspelling voor de eerste 10 jaren.

  4. Wat zou het vruchtbaarheidscijfer voor klasse 2-3 moeten zijn zodat de soort zich stabiliseert op een vast aantal.?   0.789260989

Opgave 2
Beschouw een insectensoort met de volgende kenmerken:

Overlevingskansen

  • Slechts 50% wordt ouder dan 1 jaar.

  • Daarvan (van die 50% overlevenden) wordt 25% ouder dan 2 jaar.

  • Daarvan wordt geen enkel dier ouder dan 3 jaar.

Vruchtbaarheidscijfers

  • In hun eerste levensjaar (tussen 0 en 1 jaar dus) krijgen de insecten geen kleintjes

  • Tussen 1 en 2 jaar krijgen ze er gemiddeld 2.

  • Tussen 2 en 3 jaar krijgen ze er 3

Aantallen in de beginsituatie

  • Tussen 0 en 1 jaar 50

  • Tussen 1 en 2 jaar 30

  • Tussen 2 en 3 jaar 20

  1. Breng deze gegevens aan in een graaf

  2. Bereken wat de situatie zal zijn na 1, 2, 5 en 10 jaar


Omhoog

Wiskunde online ----- is speciaal ontworpen voor:
Microsoft  Internet Explorer 5.5 of hoger
Beeldschermresolutie minimaal 800×600
JavaScript-Interpretatie ingeschakeld!
Bijgewerkt: